Toelichting op het verslag en gedragsmodel van de Impact Indicator.

Leeswijzer

Je hebt samen met ons het Impact Indicator onderzoek gedaan en daar is een verslag van gemaakt. Graag geven we je wat vingerwijzingen hoe dit verslag is opgebouwd en hoe je het derhalve kunt lezen.

Bovenaan het verslag zie je een aantal tabbladen staan. Bij onze analyse hebben we gebruik gemaakt van 1 of meerdere indicatoren en 1 of meerdere testsituaties. Die beschrijvingen tref je aan en lichten we hieronder toe.

FACE INDICATOR

Onder dit tabblad tref je de feitelijke observaties aan van je gezichtsexpressies. Die waarnemingen zijn geclusterd en representeren een gedragstypologie (zie hieronder ‘gedragsmodel’). De foto’s illustreren de waarnemingen.

BODY INDICATOR

Onder dit tabblad tref je de feitelijke observaties aan van veel voorkomende houdingen en bewegingen. Die waarnemingen zijn geclusterd en representeren een gedragstypologie (zie hieronder ‘gedragsmodel’). De foto’s illustreren de waarnemingen.

VOICE INDICATOR

Onder dit tabblad tref je de feitelijke observaties aan van veel voorkomende stemkenmerken. Die waarnemingen zijn geclusterd en representeren een gedragstypologie (zie hieronder ‘gedragsmodel’). De geluidsopnames illustreren de waarnemingen.

CONCLUSIES INDICATORS

Onder dit tabblad tref je de vertaling aan van de waarnemingen van de verschillende indicatoren naar het spin diagram. Hieruit wordt duidelijk welke gedragingen je meer en welke gedragingen je minder kenmerken. He gaat hier nadrukkelijk niet over goed of fout maar over wat kenmerkend is.

Wanneer de verschillende spindiagrammen niet al te zeer verschillen dan trekken we hier algemene conclusies uit. Die algemene conclusies vindt je terug in de bijlage onder het tabblad Eindconclusies en perspectief.

CONCLUSIE TESTSITUATIES

Onder dit tabblad vind je de feitelijke beschrijvingen van onze waarnemingen tijdens een van de specifieke non-verbale test situaties. Ter lering en illustratie tref je de betreffende beelden daarbij aan. Deze conclusies zijn heel specifiek voor jou van toepassing en tijdens een testsituatie hebben we je ook laten ervaren waar perspectief op ontwikkeling ligt.

EINDCONCLUSIES EN PERSPECTIEF

Hier geven we op hoofdlijnen een samenvatting van al onze bevindingen. In het geval dat we die mondeling toegelicht hebben tref je van dat gesprek ook een opname aan.

Belang van Non-verbale Communicatie

  • Non-verbale communicatie is een complex van factoren die we halen uit: lichaamshouding, gebaren, gezichtsuitdrukking, stem, ademhaling, geur, aanraking, kleding etc.
  • Heeft een belangrijke, en vaak dominantie, rol in de onderlinge communicatie en wijze waarop we elkaar beïnvloeden.
  • Deze non-verbale communicatie maken we zichtbaar, voelbaar en begrijpelijk.

Methodiek

  • De non-verbale communicatie is leidend in ons onderzoek. Die is voor het grootste deel onbewust en dus nauwelijks te manipuleren; dat verhoogt de betrouwbaarheid van uitkomsten van het onderzoek.
  • We maken gebruik van het fenomeen dat non-verbale signalen in het gezicht, in houding, beweging en stem kenmerkende patronen hebben die persoonlijkheidskenmerken reflecteren;
  • We formuleren op grond van deze feiten de persoonsgebonden kwaliteiten, valkuilen en behoeften in interactie;
  • Aangezien deze conclusies zoveel begrijpelijk zijn, als zijn ervaren, is de acceptatie hoog en versnelt het de ontwikkeling van het zelfbewustzijn;
  • De conclusies geven zicht op ontwikkelbaarheid en leervermogen (wat is wel en niet bereikbaar)
  • De ontwikkelingsmogelijkheden van de eigen impact en (professionele) invloed zijn zeer concreet en in het hier-en-nu toepasbaar aangezien ze verbonden concrete lijfelijke kenmerken.

Gedragsmodel

Het gebruikte gedragsmodel onderscheidt 4 categorieën:

Iedere categorie (1. Aanpassen, 2. Handelen, 3. Analyseren, 4. Toenaderen) kent specifieke non-verbale kenmerken. Die kenmerken staan in het verslag omschreven bij de uitkomsten van de verschillende onderzochte indicatoren. De combinatie van de uitkomsten weerspiegelen zich in een persoonsspdiagram.

Specifiek voor Aanpassen (1)

Gedragstendensen en behoeften

Comfortabel

  • Loyaal, ondersteunend
  • Handelt conform afspraak
  • Geeft ruimte aan de ander
  • Luistert goed, “procesfocus”

Oncomfortabel

  • Teruggetrokken
  • Weinig aanwezig, monofocus
  • Weinig actie
  • Machteloos, afhankelijk

Behoeften

  • Ontspannen sfeer
  • Ruimte
  • Respect in relatie

Specifiek voor Handelen (2)

Gedragstendensen en behoeften

Comfortabel

  • Doener, actief
  • Inspirator, initiatiefnemer
  • Flexibel bij tegenslag
  • Resultaatgericht

Oncomfortabel

  • Agressief, dominant
  • Neiging grenzen over te gaan
  • Gevoelig voor feedback
  • Ongeduldig

Behoeften

  • Resultaatgerichte actie
  • Tempo
  • Tegenwicht

Specifiek voor Analyseren(3)

Gedragstendensen en behoeften

Comfortabel

  • Analytisch sterk 
  • Systematisch en gestructureerd
  • Inhoudelijk  en procedureel sterk
  • Houdt overzicht

Oncomfortabel

  • Afstandelijk
  • Neiging tot (negatief) oordelen
  • Rigide, formeel
  • Uit emotie indirect, verbaal scherp

Behoeften

  • Voorspelbaarheid
  • Logica
  • Inhoudelijke kwaliteit

Specifiek voor Toenaderen (4)

Gedragstendensen en behoeften

Comfortabel

  • Attent, soepel in contact
  • Voorkomt confrontatie
  • Oplossingsgericht, compromisbereid
  • Uitnodigend, kan anderen meenemen

Oncomfortabel

  • Ambivalent
  • Bespelen van anderen
  • Ontwijken confrontatie
  • Negeren negatieve gevoelens

Behoeften in interactie

  • Soepel contact
  • Oplossings-,compromisbereidheid
  • Aandacht voor relatie